Toegankelijkheidslinks Ga naar de hoofdinhoud

Ronald: "Ik moest eerst de kracht vinden om te kunnen groeien"

Ronald Brasz werkte in een supermarkt toen zijn buurman ineens binnenstormde: "De politie staat voor je deur. Ze halen je huis leeg!" Ronald rende naar huis, maar kwam te laat. Alles was weg. Zelfs zijn hond. Hij had niets meer. Bij Pameijer vond hij niet alleen een woonplek als cliënt, maar ook een baan als medewerker. Deze maand is het precies 30 jaar geleden dat hij officieel in dienst kwam.

Ronald is nu 53 jaar en zit goed in zijn vel. Dat is lang niet altijd zo geweest. Op zijn vijftiende overleed zijn vader. Zijn moeder had moeite om het huishouden draaiend te houden: door haar verdriet, maar ook omdat Ronalds vader altijd de administratie en financiën deed. Vijf jaar later overleed ook zijn moeder en stond Ronald er helemaal alleen voor.

Hij bleef nog even in zijn ouderlijk huis in Capelle aan den IJssel wonen. "Van mijn ouders heb ik nooit geleerd hoe ik met geld moest omgaan. Ook mijn post en administratie bleven liggen." Door geldproblemen moest hij kleiner gaan wonen, maar ook dat ging mis. “Ik werkte in een supermarkt, maar mijn schulden liepen zo ver op dat mijn huis compleet leeggehaald werd. Zelfs de fotoalbums met herinneringen aan mijn ouders en kindertijd waren weg.”

Kracht vinden

Toen Ronald korte tijd bij een tante logeerde, kreeg hij van een sociaal pedagogisch medewerker een kaartje met het adres van Gezinsvervangend Tehuis Reyerdijk, een woonlocatie van Pameijer. Hij pakte een tas met wat kleren, ging erheen en belde ’s avonds aan voor een slaapplek. Een begeleider liet hem binnen en belde meteen met toenmalig clustermanager Jan Alblas. "Jan zei dat ik mocht blijven slapen en dat hij me de volgende dag zou spreken." In dat gesprek hoorde Ronald dat hij mocht blijven om zelfstandiger te leren wonen. "Jan had meteen door dat ik veel in mijn mars had, maar ik moest eerst de kracht vinden om te kunnen groeien."

Gastheer

Vanuit Reyerdijk mocht Ronald aan de slag voor een nieuw project van Pameijer: Come On in Pendrecht, een locatie waar wonen en werken samenkwamen. “Het was 1995 en ik kon gastheer worden op het kantoor. Ik begon als stagiair en deed flink mijn best, want ik wilde het werk graag blijven doen.”

Ronald mocht blijven. In augustus 1996 kreeg hij een vast contract van zes uur. “Mijn werk raakte vanaf toen in een stroomversnelling. Pameijer groeide en ik werd gastheer van steeds grotere regiokantoren op de Herkingenstraat, Motorstraat en Molenvliet. Daarna werd ik conciërge gebouwbeheer en medewerker technische dienst op de Crooswijksesingel en de Heer Bokelweg. Elke stap was weer een mooie uitdaging.” Hij kreeg steeds meer uren en werkt inmiddels al jaren 36 uur per week. Drie dagen per week is hij te vinden op de Crooswijksesingel en twee dagen op de Dawesweg, waar een regiokantoor van Pameijer zit.

Ronald zorgt ervoor dat de panden tiptop in orde zijn. "Alle ruimtes moeten netjes zijn om fijn te kunnen werken en te vergaderen”, zegt hij. “Ik loop veel door het pand om alles in de gaten te houden en collega’s te spreken." Hij doet het werk samen met collega Richard. Als ze er allebei een keer niet zijn, horen ze meestal meteen dat ze gemist worden. “Dat is het mooiste compliment dat we kunnen krijgen.”

Cliëntenraad

Ronald wilde meer betekenen voor Pameijer en ging in de cliëntenraad. "Ik twijfelde eerst of het iets voor mij was, maar ik wilde iets terugdoen voor de organisatie die mij zoveel kansen had gegeven. En ik wilde iets betekenen voor cliënten, zodat zij niet in dezelfde valkuilen lopen als ik." Zo weet Ronald bijvoorbeeld nog goed hoeveel schaamte hij vroeger voelde om hulp te vragen. "Ik heb ervaren hoe rot dat is. Pameijer leerde mij hoe ik wél om hulp kan vragen. Dat ben ik daarna ook gaan doen en daar ben ik trots op. Die ervaring wilde ik vanuit de raad aan andere cliënten meegeven." 

Daarom volgde hij een training Ervaringsdeskundigheid en bezocht hij Pameijer-locaties om zijn verhaal te vertellen. Ook gaf hij presentaties aan organisaties en zorgkantoren over veilig gebruik van social media door cliënten. “Die prestaties zijn gestopt, maar ik zou dit graag weer oppakken. Het blijft belangrijk.”

Naar New York

In 2010 mocht hij met de cliëntenraad een week naar New York om te leren van Amerikaanse zorgorganisaties. "We voerden gesprekken in het Engels en het programma was superdruk. Het was een heel vermoeiende week. Gelukkig zat er op elke hoek een Starbucks, dus we hadden koffie genoeg”, lacht Ronald.

Na ruim tien jaar stopte hij met de cliëntenraad. "Ik had het daar best moeilijk mee. De raad voelde als een kindje voor me. Daarom volgde ik een training 'Omgaan met verlies en rouw'. Daarna heb ik het gelukkig een plaatsje kunnen geven."

Trouw aan Feyenoord en Pameijer

Ronald woont zelfstandig en krijgt af en toe nog ambulante begeleiding van Pameijer. “Ik woon samen met mijn vriendin. We hebben al negen jaar een relatie, zijn dolgelukkig en helpen elkaar. Omdat ik bij Pameijer leerde omgaan met geld, kan ik haar daar nu ook bij ondersteunen."

De band die Ronald voelt met Pameijer, voelt hij ook met Feyenoord. Sinds 1999 heeft hij een seizoenskaart. "Dat jaar werden ze meteen kampioen. Ik moest daarna wel erg lang wachten tot het weer zover was! Maar wat er ook gebeurt, ik draag het clubshirt met trots als trouwe supporter." Net zo trouw is hij aan Pameijer. Hij wil er graag zijn 40-jarige jubileum halen, en het liefst ook zijn pensioen. "Als dat lukt, hoop ik dat ik mijn werk kan overdragen aan een cliënt die in hetzelfde schuitje zit als ik 30 jaar geleden. Ik gun iedereen dezelfde mogelijkheden die ik hier heb gekregen, en nog altijd krijg."